Schuttevaer

Zoet, Zout & Zakelijk
Schuttevaer Premium

Schippersz (36): Greet van de 229

Oss

De argumenten van meneer Kruis (chef varend personeel) om Schippersz op de 229 te laten aanmonsteren, ken ik niet. Maar hij is een vakman, meneer Kruis: een betere plek had ik me niet kunnen wensen. Een beter schip wel: een omgebouwd sleepschip van 1929, geen schoonheid, maar wel een met twee MWM 500 pk turbo’s. Daar is het Damco om begonnen: niet duwen, maar slepen. En dat deden we. (Ik zeg al ‘we…!).

Door Karel Kersten
De kennismaking met mijn tweede kantoorschip verliep anders dan die met de 224. Deze kapitein was geen mijnheer zoals Landa, bepaaldelijk niet. Hij was ‘de ouwe’ als je over hem sprak, in de directe rede was het:  ‘Doen we, kap’ en voor zijn vrouw was hij Bart. Bart Groenhof.
 
Zijn humeur was doorgaans zonnig. Hij genoot van het leven, dat voor hem bestond uit varen, zijn vrouw, hun twee zoontjes, een borrel op zijn tijd. En mocht hij al eens ergens over piekeren, dan krabde hij niet op zijn voorhoofd, maar aan zijn zak. Deed hij trouwens ook vaak zonder te piekeren. ‘Hé Bart, kriebelt het nou alweer?’, iets in die geest riep dan zijn vrouw. 

Spuugziek
In een later verhaal over Oud en Nieuw voor de sluizen van Kembs, heet zij Greet. Die naam associeer ik met een onbaatzuchtig-lieve vrouw, en dat was Greet van Bart, daar in Kembs. Want Bart genoot van veel borrels op Oudejaarsavond, en ook hun Schmelzertje had er teveel achterover geslagen. Stoer eerst, toen hondsberoerd. Hij slaagde er ternauwernood in om te bellen toen het 12 uur was, met de door hem gepoetste Damco-bel, die hem in de oren klonk als een noodklok.
 
En terwijl het op al die schepen voor de sluis nog lang en luid bleef bimbambeieren, struikelde het Schmelzertje de trap af naar het achterdek waar hij zich ongezien waande, en spuugde daar zijn ellende uit. Zijn heimwee naar huis en de door zijn kapitein aanbevolen jonge jenever. Daar vond Greet hem, de enige die hem in al dat feestgejoel miste. En ze hielp hem overeind, bracht hem naar zijn kamertje in het middenherft en zei: ‘Ga maar lekker slapen jong. Gelukkig Nieuwjaar nog.’

De stuurman
Die Greet. Nooit chagrijnig, nooit echt boos op Bart de krabbelaar en, als wat ik voor mijn maten had gekookt niet te vreten bleek, had Greet altijd nog een pan macaroni-Smac-kaas achter de hand. Ze kwam ermee in de stuurhut en beneden had ze altijd nog meer. Die Greet dus. Niet alleen de ouwe was stapelgek met haar. En ja, ik kookte.
 
Piet is de stuurman. Niet: Piet is stuurman, nee: Piet is de stuurman. Bart is kapitein, Huib matroos-motordrijver,  Schippersz scheepsjongen en Piet is de stuurman. Hij zou zeker de kapitein worden, niet kapitein. Piet hield van zijn werk, van duidelijke afspraken qua taakverdeling en van zijn status: de stuurman van de Damco 229. Boven Piet stond de ouwe, onder hem Huib en daar weer ver onder Schippersz. Bart gaf de bevelen, Piet gaf ze door, Huib voerde ze uit, en ik hielp hem daarbij.

Reacties

Om te reageren op dit bericht moet u ingelogd zijn. Klik hier om in te loggen. Indien u nog geen account heeft kunt u zich hier registreren om te kunnen reageren op Schuttevaer.nl. Uw reacties worden altijd ondertekend met uw volledige persoonsnaam.

Er zijn nog geen reacties op dit artikel.

Lees ook